‘Als jij geen ambities hebt die moeilijk te bereiken zijn, ben je niet ambitieus genoeg’

Article type
Interview
Publicatiedatum

Voor de invulling van het koersplan worden de grote lijnen intern bepaald, maar haalt De Groeiling ook inspiratie uit gesprekken met externe partners, zoals de vo-scholen in de regio. Jan-Kees Meindersma vertelt hoe zijn organisatie de verantwoording inricht.  

Als iemand van buiten het onderwijs jouw verantwoording onder ogen krijgt, moet die meteen snappen wat je wilde doen, in hoeverre dat is gelukt en hoe je met je financiële middelen bent omgegaan, vindt Jan-Kees Meindersma. “Je wilt een duidelijk antwoord geven op de vraag: ‘Er gaat zoveel geld naar het onderwijs, wat gebeurt daar eigenlijk mee?’“  
 

Jan-Kees Meindersma
Jan-Kees Meindersma

De Groeiling gebruikt met name het jaarverslag om die vraag te beantwoorden. Deze publicatie, die met veel zorg wordt gemaakt, richt zich op de ouders, mr, gmr en raad van toezicht, maar gaat ook naar collega-bestuurders, wethouders, kinderopvang, voortgezet onderwijs en andere samenwerkingspartners. “We proberen een verantwoordingsinstrument te maken dat snel scanbaar is. We bieden highlights en kerncijfers en je kunt er deelparagrafen los uit trekken. We laten ook heel concreet zien waar het geld voor de leerling naar toe gaat.”  

Zo zien ook de eigen scholen in een oogopslag wat er bestuursbreed wordt uitgegeven. “Daar discussiëren we elk jaar over. Als directeuren vinden dat er teveel naar bovenschools gaat, bespreken we hoe het anders kan. Vindt men juist dat dingen slimmer kunnen door ze bovenschools te doen, dan moet dat wel uit de bekostiging komen die bedoeld is voor de scholen.”  

Input van buiten 

Om de paar jaar maakt De Groeiling een koersplan. De grote lijnen hiervoor worden intern bepaald, maar voor de verdere invulling spreekt het bestuur ook met externe partners, zoals de vo-scholen in de regio. “We wegen hun oordeel mee in wat binnen ons onderwijsaanbod meer en minder prioriteit verdient”, vertelt Meindersma. “De vo-scholen vinden het bijvoorbeeld niet nodig dat wij heel veel energie steken in het vak Engels. Kinderen komen met verschillende niveaus bij hen binnen en dat spijkeren zij in een half jaar bij.” Conclusie: Groeiling-scholen mogen veel energie steken in Engels, maar het hoeft niet.  

De dialoog met het vo leidde ook tot de conclusie dat begrijpend lezen en rekenen meer prioriteit verdienen dan spelling. “Natuurlijk heb je spelling nodig, maar we besteden hieraan minder tijd dan aan begrijpend lezen. Ik hoop dat onze leerlingen als ze van school gaan goed in staat zijn om een brief, boek of documentaire te begrijpen. Dat vinden we belangrijker dan het foutloos kunnen opstellen van een brief.” De uitwisseling met externe partijen leidt regelmatig tot dialoog binnen de organisatie. “Inclusief af en toe een spannend gesprek. Je scherpt samen je mening en dat helpt bij je sturing en verantwoording.” 

Voor de evaluatie van hun eigen functioneren vroegen Meindersma en zijn collega-bestuurder recentelijk ook bestuurders van andere onderwijsinstellingen om feedback. “Dat kan wanneer er een zekere vertrouwensbasis is. Ik vond het heel waardevol. Zo’n dialoog is niet vrijblijvend; daar moet je wat mee. Je volgt raad op of juist niet, en legt uit waarom je die keuze maakt.”  

‘Het is een cyclus’ 

Achteraf verantwoording afleggen is belangrijk, zegt Meindersma, maar voor hem begint verantwoording al ‘aan de voorkant’. “Het is een cyclus. Je bent in dialoog met je medewerkers en externe partners. De conclusies daaruit leg je vast in je koersplan. Dat vertaal je in je jaarplannen en met je begroting vertaal je je plannen in geld. Je laat zien wat er naar de scholen en naar bovenschools gaat. En in je jaarverslag doe je op een transparante manier verslag van het hele proces.”  

Verantwoorden helpt je om als organisatie in de waan van alledag te zien of je op de goede weg bent, zegt hij. “Daarbij gaat om het verhaal achter de cijfers. Op elk niveau: tussen directeur en bestuur, leerkrachten en directeur, bestuur en de RvT. Cijfers zijn aanleiding voor een open gesprek, waarbij problemen niet worden verbloemd.” 

Hij tipt: “Durf transparant te zijn, ook wanneer dingen niet gelukt zijn. Wij hebben ook rode vlaggetjes staan bij ambities die niet zijn waargemaakt. Als jij geen ambities hebt die moeilijk te bereiken zijn, ben je niet ambitieus genoeg. Er moeten dingen mislukken. En daar moet je transparant over zijn.” 

Op basis van wetenschappelijk onderzoek maakte de PO-raad een handreiking voor verantwoording. Aan dit document, Leren en legitimeren door verantwoording in het primair onderwijs, werkten tien schoolbesturen mee die bij de inspectie goed scoorden op kwaliteitszorg, kwaliteitscultuur en verantwoording en dialoog. Met behulp van de handreiking kunnen onderwijsinstellingen hun publieke verantwoording verder verbeteren.