Apps kunnen helpend zijn bij (dreigende) thuiszitters

Article type
Interview
Publicatiedatum

Hoe kunnen ICT-hulpmiddelen ingezet worden voor het ondersteunen van (dreigende) thuiszitters? Welke behoeften hebben zij en professionals en welke apps helpen dan écht? Heliomare kreeg niet alleen een antwoord op deze vragen, maar ontwikkelde ook de LOTkeuzehulp: een praktische tool voor leerlingen die vastlopen en hun begeleiders.

Onderdeel van innovatievraag

Dit artikel is ook onderdeel van de innovatievraag:

Heliomare inventariseert ICT-tools voor (dreigende) thuiszitters

Bianca Cristofoli, werkzaam bij het interventieteam van Passend Onderwijs Advies Heliomare, was vanaf de start van de innovatievraag betrokken. “In mijn werk kom ik veel bij leerlingen die thuiszitten omdat ze vastgelopen zijn. We wilden ontdekken welke tools hen helpen om de regie terug te krijgen over hun eigen ontwikkelproces. Samen met collega’s van Heliomare en met leerlingen hebben we eerst in kaart gebracht op welke gebieden ze behoefte hebben aan ondersteuning. Deze hebben we vervolgens gebundeld in zes categorieën van ondersteuningsbehoeften. Bij samenwerkingspartners is getoetst of zij de indeling duidelijk, herkenbaar en bruikbaar vonden.”

‘Nooit aan gedacht’

De volgende stap was inventariseren welke ICT-hulpmiddelen per ondersteuningsbehoefte al gebruikt worden. Cristofoli: “We hebben hiervoor een online vragenlijst opgesteld en gedeeld via onder andere ons eigen netwerk, via social mediakanalen en de PO-Raad. We hadden gehoopt op een flinke lijst met apps en andere ICT-hulpmiddelen, maar dat viel behoorlijk tegen. Enerzijds kwam dit wellicht doordat we net in de eerste lockdown zaten: iedereen had andere prioriteiten. Anderzijds ontdekten we dat apps of ICT-hulpmiddelen nauwelijks ingezet worden; er is te weinig bewustzijn over de meerwaarde ervan. We kregen reacties als ‘Daar heb ik eigenlijk nooit aan gedacht’, maar merkten ook dat professionals weerstand voelen: ze denken dat ICT het persoonlijke contact vervangt. Dit liet ons inzien hoe belangrijk taal en bewustzijn zijn. We zien ICT namelijk als ondersteunend bij het begeleiden van leerlingen, niet als een vervanging van.”

Zelf op zoek

Ondanks de geringe respons lieten Cristofoli en haar collega Rik Lips het er niet bij zitten. Lips, die projectleider Hans Smeele verving na diens vertrek medio 2020: “We zijn zelf apps gaan zoeken die ondersteunend kunnen zijn als een leerling vastloopt in zijn ontwikkel- of leerproces. Denk hierbij aan apps die helpen om structuur te krijgen in de dag of die je kunt raadplegen als je vragen hebt over je gezondheid. We hebben ons bewust beperkt tot apps en websites. Uiteraard zijn er ook andere ICT-hulpmiddelen zoals een smartwatch, maar die heeft niet iedereen. Een smartphone wel. Ook hebben we een aantal criteria opgesteld waar apps aan moeten voldoen. Apps waar je bijvoorbeeld een abonnement voor moet afsluiten, een hoge aanschafprijs voor betaalt of die bedoeld zijn voor volwassenen vielen af.”

Succesvol proberen

Om te toetsen of de gevonden apps daadwerkelijk geschikt zijn, zijn Cristofoli en Lips de apps gaan inzetten bij individuele leerlingen. Cristofoli: “Afhankelijk van de ondersteuningsbehoefte van een leerling keken we samen naar een app die helpend zou kunnen zijn. We spraken af om deze dan een tijdje te gebruiken om te zien of de leerling er baat bij zou hebben.

Een mooi voorbeeld is de app Daylio: een dagboek app die je inzicht geeft in je stemming. Een leerling gaf aan dat de app ervoor zorgt dat zij meer zicht heeft gekregen op haar energieniveau. Door de app consequent te gebruiken weet ze beter wanneer ze pauze moet nemen. Nu hoeft ze de app niet meer te gebruiken, omdat ze geleerd heeft dit zelf aan te voelen. Dat is een mooi resultaat; de leerling krijgt zo de regie over zijn eigen ontwikkeling terug.”

Van groots naar praktisch

Een van de doelstellingen van de innovatievraag van Heliomare was om een ICT-routekaart te ontwikkelen die die leerlingen en professionals overzicht geeft van de mogelijke ICT-hulpmiddelen tijdens de begeleiding van (dreigende) thuiszitters. Lips: “Nu we de apps in beeld hadden, wilden we deze bundelen zodat ze makkelijk vindbaar zijn. In eerste instantie dachten we heel groots: het idee was om een dynamische website te ontwikkelen zoals de GGD AppStore. Deze heeft alle functionaliteiten die wij ook belangrijk vinden en gaat uit van Positieve Gezondheid, een manier om breder naar gezondheid te kijken.

We hebben gesproken met de projectleider van de GGD AppStore om te bekijken of we dit systeem konden kopiëren, maar dat bleek geen optie. Het ontwikkelen, testen en bijhouden blijkt enorm complex. En omdat we na ons eigen onderzoek wisten dat er nog maar weinig apps gebruikt worden en er een mooie kans ligt in het bewust maken van de mogelijkheden, hebben we gekozen voor een meer praktisch hulpmiddel in de vorm van een interactieve pdf: de LOTkeuzehulp.”

De LOTkeuzehulp

LOTkeuzehulp

LOT staat voor Leerling Ondersteunende Tools. De LOTkeuzehulp is een interactieve pdf die een overzicht geeft van apps en websites die helpend kunnen zijn bij verschillende ondersteuningsbehoeften, verdeeld in zes categorieën: dit ben ik, zelf doen, gezondheid, leren leren, advies en samen. Professionals die (thuiszittende) leerlingen begeleiden kunnen de LOTkeuzehulp gebruiken om een geschikte app te vinden en deze te integreren in het dagelijks leven. Het doel is dat ICT zo op een laagdrempelige manier kan helpen om zelfstandigheid en autonomie te ontwikkelen.

Bewustzijn creëren

Nu de LOTkeuzehulp er is, komt de volgende stap: zorgen dat begeleiders ermee gaan werken. Cristofoli: “Communicatie en draagvlak creëren zijn zo belangrijk. Dit hebben we wel onderschat. We zijn gewend om online te zijn en onze telefoons te gebruiken, bijvoorbeeld voor social media en voor jongeren om te gamen. Maar uit jezelf zoeken naar een app die helpt bij specifieke vragen of ICT inzetten bij thuiszitters, dat is helemaal niet vanzelfsprekend. Dat vraagt om een andere houding en om ICT-basisvaardigheden, zowel bij professionals als bij leerlingen.” De coronaperiode heeft hierin belemmerd gewerkt, vervolgt Cristofoli: “Het persoonlijke contact is ontzettend belangrijk. We waren van plan om bijvoorbeeld bij samenwerkingsverbanden langs te gaan, om met professionals het gesprek te voeren over onze innovatievraag. Dat is echt nodig voor het bewustzijn. Dat dit nu niet kan en dat andere zaken prioriteit hebben, maakt dat we nu nóg beter moeten kijken naar hoe we de LOTkeuzehulp onder de aandacht brengen.”

Blijven communiceren

Dat doen Lips en Cristofoli nu vooral bij hun rechtstreekse collega’s. Cristofoli: “Tijdens de ontwikkelfase hebben we de tool continu benoemd en een sneak preview gegeven. Daardoor ontstond nieuwsgierigheid en de eerste reacties zijn heel positief. Binnen het team Passend Onderwijs Heliomare staat de tool en het werken ermee nu ook op de agenda van overleggen. Maar daarmee zijn we er nog lang niet; de tool is immers niet alleen ontwikkeld voor Heliomare.

In samenwerking met het communicatiebureau dat de LOTkeuzehulp ontworpen heeft zijn we nu bezig met de communicatie erover. We gaan belangenorganisaties en vakbladen benaderen, hopen dat de PO-Raad en Kennisnet er aandacht aan willen schenken en we hebben een toolkit ontwikkeld met informerende teksten voor websites en social media. Hopelijk gaan veel organisaties die te maken hebben met passend onderwijs en thuiszitters hier gebruik van maken.”

Toolkit LOTkeuzehulp

Wil je de LOTkeuzehulp onder de aandacht brengen bij professionals? In de toolkit vind je teksten voor een nieuwsbericht en social media, die je één op één kunt overnemen.

Open eindjes

Eén ding is heel duidelijk geworden tijdens de innovatievraag: informeren is iets anders dan activeren. Lips: “Wij hebben ervaren dat er binnen het onderwijs weinig bewustzijn is over de meerwaarde die ICT kan hebben bij leerlingen die vastlopen. Je hebt dan ook mensen nodig die met de LOTkeuzehulp aan de slag willen gaan en deze tool gaan gebruiken bij het begeleiden van leerlingen. Die beweging komt toch het snelst tot stand via persoonlijk contact en door van een ander een goed praktijkvoorbeeld te horen.”

Ook het doorontwikkelen en borgen van de LOTkeuzehulp is nog een vraagstuk dat open staat: “De wereld van apps is voortdurend in beweging. Er komen apps bij, er vallen apps af. Het mooiste zou zijn als de LOTkeuzehulp belegd kan worden bij een organisatie die deze blijft actualiseren en uitbreiden. Daar hebben we nu echter nog geen antwoord op.”

Veel geleerd

Terugblikkend op de innovatievraag hebben Cristofoli en Lips veel geleerd. Cristofoli: “Op de vraag of ICT ondersteunend kan zijn bij (dreigende) thuiszitters kunnen we volmondig ‘ja’ antwoorden. Maar we weten ook dat er nog veel te doen is om de verbinding tussen ICT en zorg binnen het onderwijs te maken, en dat kunnen we niet alleen. Zelf ben ik heel blij dat leerlingen zo enthousiast zijn over de apps die ze zijn gaan gebruiken. Hopelijk kunnen we hun verhalen en de positieve ervaringen van professionals meer gaan delen, zodat er een olievlek ontstaat.”

Lips: “Iets wat voor mij zo vanzelfsprekend is, het ontdekken en gaan gebruiken van apps, blijkt voor veel onderwijsprofessionals minder vanzelfsprekend te zijn. Dat was een belangrijk inzicht. Wat ik ook heel waardevol vond was het contact met de procesbegeleider vanuit de PO-Raad en de communicatieadviseur, die goede vragen stelden en ons scherp hielden. De innovatievraag was een leerzaam proces en ik ben trots op wat we gerealiseerd hebben.”