Noodzakelijke verandering als kans voor écht goed onderwijs op conceptschool Vinckhuysenschool

Article type
Inspiratie
Publicatiedatum

Wat doe je als je als school te maken hebt met krimp én je hebt van de inspectie het oordeel ‘zwak’ gekregen? Als het noodzakelijk wordt dat leraren meerdere jaargroepen en meerdere niveaus tegelijk lesgeven, terwijl tegelijkertijd de opbrengsten moeten verbeteren? Op de Vinckhuysenschool in West-Graftdijk zette het team de noodzaak om te veranderen om naar een eigen gekozen drive. Zo werd krimp een kans om echt goed onderwijs te ontwikkelen.

Op de Vinckhuysenschool, een dorpsschool in West-Graftdijk, zag het team zich voor die vragen gesteld. Toen Brigitta Hendriks negen jaar geleden aantrad als directeur, telde de school nog zo’n honderd leerlingen, waar het er niet zo lang daarvoor nog 150 waren. De Vinckhuysenschool had in 2013 van de inspectie het predicaat ‘zwak’ gekregen. Ook daardoor liep het leerlingenaantal verder terug. De eerste taak waar Hendriks zich voor zag gesteld, was dan ook om de kwaliteit van het onderwijs weer voldoende te krijgen. Dat lukte het team al in een jaar.

Excellent onderwijs op een kleine school

Maar de krimp ging onverminderd door. Op dit moment telt de school minder dan vijftig leerlingen. Dat betekent ook: minder fte en minder financiële middelen. Er werd al gesproken van een fusie met een school in De Rijp, maar daartegen kwamen de Vinckhuysenschool en het dorp West-Graftdijk in het verweer. ‘De school had en heeft bestaansrecht’, zegt Hendriks. ‘Omdat de school een groot voedingsgebied beslaat, én voor de leefbaarheid van het dorp. De school is een ontmoetingsplek.’

Hoewel verandering noodzakelijk was, wilde ze niet dat dát de drive zou zijn. Voor haar en haar team draaide alles om kwaliteit. ‘We geloven dat excellent onderwijs ook op een kleine school met een klein team mogelijk is’, zegt ze. ‘Vanuit die visie hebben we het concept vormgegeven. “Met de beperkte middelen die we hebben, zorgen dat de kwaliteit écht goed is”, dat werd onze opdracht. We zagen de veranderingen als een kans om goed onderwijs neer te zetten.’

Iedereen leert

Er kwamen brainstormsessies, het team bezocht andere unitscholen en er werd twee jaar uitgetrokken voor ‘proeftuintjes’, waarin bijvoorbeeld werd proefgedraaid met combinatiegroepen. Zo ontstond wat je zou kunnen noemen een ‘Vinckhuysen-concept’, gebaseerd op unitonderwijs, met een scherpe focus op de leerdoelen en ruimte voor leerlingen om de stof op hun eigen manier te verwerken. Een concept waarbij de leerling vooral ertoe gebracht wordt zélf te leren. ‘Hoe zet je de leerling ‘aan’?’ is de belangrijkste vraag.

Wie zegt trouwens dat op een school alleen de leerlingen leren? Op de Vinckhuysenschool kwamen gaandeweg de leerkrachten óók in de leermodus en dat geldt eveneens voor de directeur, die inmiddels de Master Educational Leadership afrondde. Fijne bijkomstigheid: de krimp lijkt te stoppen. Steeds meer leerlingen uit de omgeving weten de Vinckhuysenschool te vinden. Kijk maar naar het pontje, dat ’s morgens en ’s middags de leerlingen van buiten West-Graftdijk het kanaal overvaart. Het pontje zit vol.

Het concept van de Vinckhuysenschool

Het concept van de Vinckhuysenschool is gebaseerd op unitonderwijs. Er zijn geen vaste plekken of vaste lokalen en er zijn geen afgebakende jaargroepen. De leerlingen zijn verdeeld over drie units, het onderwijs is groepsdoorbroken, de leerlingen werken op hun eigen niveau.

De ochtenden worden besteed aan taal, rekenen en schrijven. Voor geschiedenis, aardrijkskunde,- natuur, Engels en de creatieve vakken werkt de school met thema’s.

Zelfstandig werken op niveau

De leerlingen van de Vinckhuysenschool hebben veel vrijheid en eigen verantwoordelijkheid. Op maandagochtend beginnen ze met het maken van een planning voor de hele week.Leerkrachten maken geen groepsplannen, maar kindplannen. ‘Groepsplannen zijn zinloos, je kunt geen groepsdoelen bepalen als je maar drie leerlingen in een jaar hebt’, aldus een van de leerkrachten. Er worden dus per kind ambitieuze maar realistische leerdoelen vastgesteld. De leerdoelen worden met de leerlingen besproken.

Veel nadruk ligt op goede, korte instructies. De leerkracht bespreekt eerst het leerdoel. De instructies duren vervolgens vijftien minuten en zijn sterk gefocust op het leerdoel. De insteek is: eerst even samen werken en dan zelfstandig aan de slag.

Zie hobbels op de weg als onderdeel van het proces

Gevraagd naar tips, zegt Brigitta Hendriks: ‘Om te beginnen: neem de tijd om goed te doordenken welke vorm het onderwijs op je school moet krijgen. Het kost tijd om iets goeds neer te zetten. Zie hobbels op de weg als onderdeel van het proces. Daarnaast: benadruk de collectiviteit. Je doet het samen. Denk vanuit wíj. De ouders horen daar ook bij! Tot slot, voor directeuren: zet af en toe je ego opzij. De opening van een nieuw gebouw, bijvoorbeeld, kan ook een docent doen.’

Meer lezen?

Nieuwsgierig geworden? De Vinckhuysenschool is één van de scholen die geportretteerd is in de brochure 'Conceptscholen - elkaar stimuleren tot leren'. Daarin lees je meer over hoe het onderwijs op deze school aansluit op de visie van orthopedagoog Luc Stevens en invulling geeft aan 21ste eeuwse vaardigheden, de inrichting van het gebouw, lestijden en veel meer. De portretten worden afgewisseld met informatieblokken met meer algemene informatie over conceptscholen vanuit verschillende invalshoeken.

Waarin De Vinckhuysenschool goed is

  1. Een eigen concept - Verandering was noodzakelijk, maar dit werd gezien als een positieve keuze; het was in de eerste plaats een kans om het onderwijs te verbeteren. Het onderwijsconcept van de Vinckhuysenschool is toegespitst op de (eigen) situatie, maar breder toepasbaar. Voor scholen die te maken hebben met krimp, is het Vinckhuysenconcept een mooi model.
  2. Talentontwikkeling, ook bij leerkrachten - Relatie, competentie en autonomie, de basisprincipes voor leren en ontwikkeling volgens Luc Stevens, gelden ook voor de teamleden. De school focust niet alleen op talentontwikkeling van de leerlingen, maar ook op die van de leraar.
  3. Doeltreffende instructies - De instructies zijn aangepast aan het werken met combinatiegroepen. De instructies zijn kort, met een sterke focus op de leerdoelen. De leerlingen werken veel zelfstandig en zij worden daar goed in begeleid, bijvoorbeeld door regelmatig reflectiegesprekken met hen te voeren. Daarbij gaat het niet alleen over de vraag ‘Wat heb je geleerd’ maar vooral ook over de vraag ‘Hóe heb je geleerd?’